Uit het Leidsch Dagblad van 8 juni 2000:

Conclusie Delfts bureau na onderzoek in zes provincies

'Tot 2010 geen uitbreiding
bedrijfsterreinen nodig'

Er hoeven tot 2010 bijna geen nieuwe bedrijfsterreinen te komen als bestaande terreinen beter worden benut. Zo kan kostbare open ruimte behouden blijven. Provincies willen veel te veel ruimte reserveren voor industrie en kantoren. Zij gaan uit van een hoge economische groei én zij willen ook nog eens een reserve aanhouden.

Ook de provincie Noord-Holland doet dat, met als gevolg dat de behoefte aan zeehaventerreinen in de Amsterdamse regio veel groter wordt voorgesteld dan deze werkelijk is. Er zijn tot 2020 landelijk zelfs helemaal geen nieuwe zeehaventerreinen nodig. Het Delftse onderzoeksbureau OTB concludeert dit na onderzoek in zes provincies, uitgevoerd in opdracht van de Stichting Natuur en Milieu en zes provinciale milieufederaties.

De opdrachtgevers willen dat staatssecretaris Ybema (Economische Zaken) en het Interprovinciaal Overleg hun claims beperken. Minister Pronk van volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer is bezig met de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening. Daarin komt te staan hoe de ruimte in Nederland tot 2030 moet worden ingericht. Bedrijfsterreinen, natuur, wegen en woningbouw concurreren met elkaar.

Het Centraal Planbureau schatte eerder dat er tot 2020 tussen 10.450 en 25.190 hectare extra voor kantoren en industrie nodig is. De provincies hanteren veel hogere cijfers. Volgens OTB is dat zwaar overdreven. Slechts 1000 hectare erbij is genoeg, ook bij een hoge economische groei.

Voorwaarde is wel dat er "flink wordt gewerkt aan doelmatig en intensief gebruik". Dat kan heel goed, meent OTB. Oud-milieuminister De Boer klaagde enkele jaren geleden al dat bedrijven veel te veel ruimte innemen omdat zij hun gebouwen laag willen houden. Als er meer in de lucht wordt gebouwd scheelt dat al veel. Volgens OTB hoeven er in Groningen, Zeeland, de regio Amsterdam en grote delen van Overijssel tot ver na 2010 geen bedrijfsterreinen bij te komen. In Twente, Flevoland, Noord-Brabant en delen van Noord-Holland blijven er nog wel enkele knelpunten over.

Het comité Vrienden Oostvlietpolder vraagt zich af in hoeverre het bovenstaande artikel
geldt voor de provincie Zuid-Holland.