Inspraakreactie/bezwaarschrift september 2003 verplaatsingsplan volkstuinen
artikel 19, lid 2 WRO
Leiden, 5 september 2003.
Aan:
Burgemeester en Wethouders gemeente Leiden
Postbus 9100
2300 PC LeidenBetreft:
inspraakreactie/bezwaarschrift uitbreiden/herindelen volkstuincomplex Oostvlietpolder;
artikel 19, lid 2, WRO
Geacht College,
Op 10 maart 2003 heeft de Vereniging Vrienden Oostvlietpolder (opnieuw) een inspraakreactie/bezwaarschrift ingediend inzake de inrichting van een volkstuinencomplex in de Oostvlietpolder zoals door de gemeente Leiden is vastgelegd in het verplaatsingsplan volkstuinen; artikel 19, lid 1,WRO procedure. Op 28 maart 2003 heeft de Vereniging een gesprek gehad met de heer A.V. de Kok, projectleider Oostvlietpolder van de gemeente Leiden, waarin de Vereniging werd verzocht haar inspraakreactie/bezwaarschrift in te trekken om zo de uitbreiding en herindeling van de volkstuinen in de Oostvlietpolder mogelijk te maken.
De Vereniging heeft in dat gesprek aangegeven bereid te zijn haar inspraakreactie/bezwaarschrift in te trekken onder de voorwaarde dat de gemeente Leiden tegemoet komt aan het belangrijkste bezwaar van de Vereniging: het laten vervallen van het doorgaande bromfietspad dwars door de Oostvlietpolder en het nieuwe volkstuincomplex.
Helaas bleek dhr. de Kok niet in staat/bereid op onze voorwaarde in te gaan. Op 7 mei 2003 heeft de Vereniging Vrienden Oostvlietpolder een gesprek gehad met de Leidse Bond van Amateurtuinders. Dit gesprek heeft geleid tot een gezamenlijk voorstel aan de gemeente Leiden om weliswaar het geplande bromfietspad te handhaven, maar door passende verkeersmaatregelen een einde te maken aan het geplande doorgaande karakter van het bromfietspad. Dit voorstel is op 6 juni 2003 per e-mail aan dhr. de Kok en wethouder A. Pechtold verzonden. Op dit voorstel hebben wij tot op heden echter geen reactie van de gemeente Leiden ontvangen.
Omdat de gemeente Leiden blijkbaar niet van zins is in te gaan op het gezamenlijke voorstel van de Vereniging Vrienden Oostvlietpolder en de Leidse Bond van Amateurtuinders en dus vasthoudt aan een doorgaand bromfietspad dwars door de Oostvlietpolder / het volkstuincomplex, hebben wij helaas geen andere keus dan onze inspraakreactie/bezwaarschrift te handhaven.
Wij verzoeken u derhalve onze gehele inspraakreactie/bezwaarschrift van 10 maart 2003 hier als herhaald en ingelast te beschouwen. Voor de volledigheid is dit bezwaarschrift inclusief bijlagen (met eigen nummering) bijgevoegd.
Zoals blijkt uit de 'verklaring van geen bezwaar voor het voorontwerp bestemmingsplan Oostvlietpolder' van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland d.d. 1 juli 2003 hebben Gedeputeerde Staten een verklaring van geen bezwaar afgegeven voor de bestemming 'recreatie, volkstuinen' in overeenstemming met het voorontwerp bestemmingsplan Oostvlietpolder van januari 2003.Het op 11 augustus 2003 ter inzage gelegde verzoek om vrijstelling is echter gebaseerd op het door de Raad van State op 29 augustus 2001 vernietigde bestemmingsplan (april 1999) en niet op het in de verklaring van GS genoemde voorontwerp bestemmingsplan van januari 2003. Dit blijkt overduidelijk uit de voorgestane inrichting en uit de datering van de bij dit verzoek gevoegde inrichtingskaart en overige bijgevoegde stukken (dezelfde als bij de ter-inzage-legging van 24 februari 2003). De ruimtelijke onderbouwing van de te verlenen vrijstelling is daardoor niet juist en strijdig met de op 1 juli 2003 afgegeven 'verklaring van geen bezwaar' door Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland.
Tot slot: De Vereniging Vrienden Oostvlietpolder wil hierbij een dringend beroep doen op de gemeente Leiden deze inspraakreactie/bezwaarschrift en ons ingebrachte alternatief (opnieuw) in overweging te willen nemen en/of alsnog akkoord te gaan met het gezamenlijke voorstel van de Leidse Bond van Amateurtuinders en de Vereniging Vrienden Oostvlietpolder, zodat er snel een voor alle betrokken partijen bevredigende oplossing komt.
Namens de Vereniging Vrienden Oostvlietpolder,
hoogachtend,
F. Overdijk, voorzitter
H. Pieters, secretaris